Het verhaal van Abderrhim en zijn Co Theo

Abderrhim (46 jaar) woont 18 jaar in Nederland en heeft een eigen bedrijf in de bouw. Er treden bij hem uitvalsverschijnselen op. Na onderzoek blijkt hij een hersentumor te hebben. Zijn vrouw heeft op jonge leeftijd dementie gekregen en woont in een zorginstelling. Hij heeft geen netwerk dat hem kan helpen bij de zorg voor zijn vrouw of zijn eigen zorg. Na een ziekenhuisopname moet hij naar een verpleeghuis. In de eerste weken in het verpleeghuis moet hij nog steeds drie keer per week naar het ziekenhuis voor een bestralingsbehandeling.  

Het verpleeghuis Van Neynsel De Taling heeft een plek voor Abderrhim. Het ziekenhuis vraagt aan onafhankelijk cliënt­ondersteuner Theo, MEE De Meent Groep, om de verhuizing te regelen en Abderrhim verder te ondersteunen. Abderrhim wil vooral de zaken voor zijn partner goed regelen. Cliënt­ondersteuner Theo helpt daarom bij een mentorschap en de bewindvoering. Theo ondersteunt Aberrhim ook met het vormgeven van zijn eigen zorg. Hij helpt met de overgang van zelfstandig wonen naar het wonen in een verpleeghuis. Waar ook nog eens coronamaatregelen gelden, zoals geen bezoek kunnen ontvangen.

Abderrhim krijgt een plaats in het verpleeghuis op de begane grond, grenzend aan de tuin. De meeste afspraken met cliënt­ondersteuner Theo – zo’n drie per week – gaan telefonisch. Maar door de plek op de begane grond kunnen ze ook persoonlijk afspreken. Bij een persoonlijke afspraak blijft Abderrhim binnen met de schuifdeur open, of hij zit voor op zijn terras. Cliënt­ondersteuner Theo zit achter een lijntje op voldoende afstand in de tuin. Soms spreekt er een medewerker van het verpleeghuis mee. Die blijft dan binnen of op het terras. Een medewerker van de welzijnsorganisatie komt op bezoek op voldoende afstand vanuit de tuin. Op deze manier kan cliënt­ondersteuner Theo in tijden van corona meehelpen bij het regelen van de zorg voor Abderrhim en zijn vrouw.